Motketel Blues

De Motketel is een prachtig gebied in het buurtschap Niersen bij Vaassen. Wanneer je het bruggetje overloopt en kijkt naar de enorme beukenbomen zie je dat de wortels van de beuk niet diep liggen, prachtig om te zien. De wortels eindigen in kraakhelder water en overal om je heen zie je de beekjes (sprengen). Het is hier stil, heel stil. Dit is ‘De Motketel’, de plek waar de ijsvogeltjes ook graag komen.

Wat is er zo bijzonder aan de Motketel?

In de Top-100 van de Historische Geografie Nederland staat dit prachtige gebied op nummer 9. Dat komt door de vele sprengen en beken.

Onder het bosgebied ten westen van de Cannenburgh ligt een grote, ondergrondse waterbel. Het water dat elders op het Veluwemassief als regen naar beneden is gevallen, borrelt bij De Motketel weer omhoog. 

Eeuwenlang hebben mensen er diepe sloten gegraven om zoveel mogelijk water naar beken te laten stromen. Als je hier een gat graaft, komt het grondwater vanzelf omhoog, zo’n gat heet een ‘sprengkop’ (zie foto). In ‘De Motketel’ zitten meer dan twintig sprengkoppen.

Dat water werd vervolgens gebruikt voor de aandrijving van een groot aantal molens.

Met de aanleg van kleine dijken werd het water omhoog geleid, tot de gewenste hoogte was bereikt om met het water de raderen van molens aan te drijven. Op het hoogtepunt, in de 18e eeuw, werden in de Motketel op deze manier zeventien molens aangedreven. Dankzij de waterwerken en het kristalheldere water schoten papierfabrieken en wasserijen er als paddenstoelen uit de grond. De molen van de Cannenburch (zie foto) herinnert nog aan deze periode van industriële bedrijvigheid op de Veluwe. Na de uitvinding van de stoommachine zijn nagenoeg alle molens in het gebied weer verdwenen, maar de sprengen en beekjes zijn nog steeds intact. De heide van toen is veranderd in bos. Door het gebied, dat uniek is in Europa, zijn wandelroutes uitgezet. Er komen zeldzame planten- en diersoorten voor.