Dansende bomen – Speulderbos

Het Speulderbos

Midden in de Veluwe ligt het prachtige Speulderbos, één van de mooiste bossen van Nederland. Het is al eeuwenoud en het gebied is eigendom van Staatsbosbeheer waar de natuur haar gang mag gaan. Het natuurlijk proces krijgt hier volop de ruimte en dat is goed te zien. Het lijkt er soms op dat je in een totaal andere wereld loopt en dat met weinig telefoonbereik maakt het extra speciaal.

De dansende bomen

Waar het Speulderbos om bekend staat zijn de dansende bomen. Ze dansen natuurlijk niet letterlijk maar juist door de vele kromme en scheve bomen krijg je met mist en zonnestralen dit effect. Het bos krijgt een grillig maar magisch karakter en is te danken aan de jarenlange kap van rechte bomen voor de houtproductie. De minder mooie rechte exemplaren bleven staan. Je ziet gelijk maar weer dat de minder perfecte dingen die volgens bepaalde mensen zo zijn, juist de mooiste uitwerking hebben.

Olieverf op doek

Speulderbos
Speulderbos



Learning Track of Sight 2

De Ardèche blijft mij boeien. Wanneer ik foto’s terugkijk roepen die steevast weer herinneringen en gevoelens op. De sfeer die een omgeving als in het schilderij weergegeven is er één van licht en donker. De wisselende aanwezigheid van het licht tussen het donker en het (nog) niet duidelijk zichtbare doel van de weg, naar het licht of het donker maakt dat de kijker dit zelf kan invullen.

Sfeer is voor mij zeer belangrijk, zelfs in die mate dat ik alleen kan schilderen wat ik zelf gezien heb en waarvan ik bijvoorbeeld door foto’s de sfeer weer kan ‘voelen’. Wat het schilderij nog meer bijzonder maakt is dat onze dochter Maxime dezelfde locatie ook in olieverf heeft vastgelegd.

Learning Track of Sight @Maxime van Amersfoort (www.maxime-art.nl)



Motketel Blues

De Motketel is een prachtig gebied in het buurtschap Niersen bij Vaassen. Wanneer je het bruggetje overloopt en kijkt naar de enorme beukenbomen zie je dat de wortels van de beuk niet diep liggen, prachtig om te zien. De wortels eindigen in kraakhelder water en overal om je heen zie je de beekjes (sprengen). Het is hier stil, heel stil. Dit is ‘De Motketel’, de plek waar de ijsvogeltjes ook graag komen.

Wat is er zo bijzonder aan de Motketel?

In de Top-100 van de Historische Geografie Nederland staat dit prachtige gebied op nummer 9. Dat komt door de vele sprengen en beken.

Onder het bosgebied ten westen van de Cannenburgh ligt een grote, ondergrondse waterbel. Het water dat elders op het Veluwemassief als regen naar beneden is gevallen, borrelt bij De Motketel weer omhoog. 

Eeuwenlang hebben mensen er diepe sloten gegraven om zoveel mogelijk water naar beken te laten stromen. Als je hier een gat graaft, komt het grondwater vanzelf omhoog, zo’n gat heet een ‘sprengkop’ (zie foto). In ‘De Motketel’ zitten meer dan twintig sprengkoppen.

Dat water werd vervolgens gebruikt voor de aandrijving van een groot aantal molens.

Met de aanleg van kleine dijken werd het water omhoog geleid, tot de gewenste hoogte was bereikt om met het water de raderen van molens aan te drijven. Op het hoogtepunt, in de 18e eeuw, werden in de Motketel op deze manier zeventien molens aangedreven. Dankzij de waterwerken en het kristalheldere water schoten papierfabrieken en wasserijen er als paddenstoelen uit de grond. De molen van de Cannenburch (zie foto) herinnert nog aan deze periode van industriële bedrijvigheid op de Veluwe. Na de uitvinding van de stoommachine zijn nagenoeg alle molens in het gebied weer verdwenen, maar de sprengen en beekjes zijn nog steeds intact. De heide van toen is veranderd in bos. Door het gebied, dat uniek is in Europa, zijn wandelroutes uitgezet. Er komen zeldzame planten- en diersoorten voor.




Motketel Oer

Beek vol roest.

Niet al het water in de beken en sprengen is even bruikbaar. De rode beek dankt zijn naam aan de rood-bruine roestkleur. Die kleur ontstaat door de aanwezigheid van ijzer in de grond. Dit water werd dan ook niet gebruikt bij de productie van papier of het wassen van kleding. 

IJzeroer of rodolm zoals ze hier zeggen is een soort ijzererts dat bestaat uit grotere, verharde ijzeroxide-ijzerhydroxide-afzettingen die al vele eeuwen geleden in de Lage Landen van dicht onder het maaiveld werden gedolven als grondstof voor de ijzerproductie. 

In de middeleeuwen werd er vaak ijzer gewonnen uit zogenaamde ‘klapperstenen’. Klapperstenen bestaan ook uit ijzeroer; maar hier is het ijzerhydroxide afgezet rondom kleibolletjes die zich her en der in het zand bevinden. Het ijzeroer is hier de omhulling van de klei. De klei verschrompelt door uitdroging, het ijzeroer wordt dan een ‘klappersteen’. Bij het schudden hoort men het kleibolletje in de klont ijzeroer rammelen, vandaar de naam.

Voor de winning werden sleuven gegraven door delvers, vaak families op zoek naar ‘klappersteen-aders’. Dergelijke sleuven zijn nog steeds zichtbaar op de Veluwe in Hoenderloo (Park Berg en Bos), bij Paleis Het Loo en bij Hoog Soeren op de Asselsche Heide. Er zijn in totaal 82 kilometer van deze handgegraven sleuven bekend. Tussen 700 en 1100 moeten hier tonnen ijzer zijn geproduceerd, waarvan het grootste deel voor de export bedoeld was. De afvalbergen (ijzerslakken) zijn her en der nog te vinden, maar de aftapovens, de ijzerfabriekjes, niet meer. Om een kilo bruikbaar ijzer te verkrijgen, was dertien kilo ijzererts en honderddertig kilo houtskool (gewonnen uit 760 kilo eikenhout) nodig. Het vuur in de ovens werd aangejaagd door met de voet aangedreven blaasbalgen. Door concurrentie uit het buitenland kwam rond 1100 een eind aan deze kwalitatief mindere ijzerproductie.

Motketel
Cannenburgher-molen



Deventer a l’heure bleue

DSC_0029

In het kader van het samenwerkingsproject tussen de kunstenaars van de KEK en de fotograven van Fotogroep Studio24, heb ik samen met Jan Hagen Deventer als uitgangspunt genomen.Tijdens de Klick expositie van 26 maart t/m 16 april 2016 zijn de gezamenlijke werken van alle deelnemers aan het publiek getoond.

Bij ons project is de volgende tekst gebruikt:

Twee mensen samen op stap, op het zelfde tijdstip op dezelfde plek kijkend, zoekend naar beelden om deze vast te leggen.

De een is fotograaf en de ander is schilder, de eerste legt het beeld vast en de tweede probeert de sfeer te pakken. Jan, de fotograaf concentreert zich op het door hem perfect geachte beeld en de daarbij horende instellingen en positie van de camera ten opzichte van de wereld waarin hij zich bevindt. Gert, de schilder fotografeert op het zelfde tijdstip, op dezelfde plek en probeert zoveel mogelijk beelden te ‘verzamelen’ die hij later zal gebruiken om iets vast te leggen wat een relatie heeft met de plek waar ze samen waren. De foto’s zijn dan slechts een hulpmiddel waarmee zeer beperkt de beleving wordt gevangen en zijn geheel ondergeschikt aan het eindproduct.

Omdat ik als schilder beelden die ik heb vastgelegd en die ik in mijn hoofd heb combineer tot een uiteindelijk eindbeeld, zal de toeschouwer zich soms afvragen of we beiden wel hetzelfde kijken, of in ieder geval wel hetzelfde zien als we naar iets kijken.

Ook wij merkten dat er tussen ons als persoon en als kunstenaar grote verschillen zitten in het zien van de ‘werkelijkheid’. Wat is het verschil tussen de exacte weergave van de wereld om ons heen en de geconstrueerde wereld. Deze laatste is minstens zo echt als de eerste in ieder geval is het schilderij net zo werkelijk als de foto.

Ook is er een verschil in kleurbeleving tussen ons, wat op zich een heel interessante ontdekking was. Waarom ziet Jan minder kleuren of andere kleuren dan Gert? Wordt kleur wel of niet gekoppeld aan sfeer?

Als uitgangspunt voor het project is er voor gekozen om de ‘werkelijkheid’ van de fotograaf te transponeren naar de ‘werkelijkheid’  van de schilder. Het resultaat is een drieluik van vastlegging, transponantie en impressie van de stad Deventer.

De doeken zullen, naar wij hopen, u een Deventer weergeven zoals u die voor u ziet en voor u voelt. Wellicht een hele nieuwe ervaring om naar de ‘werkelijkheid’ te kijken.

Photography by Jan Hagen-1991

Jan & Gert

Copyright Jan Hagen

Klick

 




Uiterwaarden langs de IJssel

DSC_0022

 

 

Langs de IJssel tref je meest schitterende uiterwaarden aan. Deze zijn onnoemelijk vaak gefotografeerd en geschilderd. In dit schilderij wilde ik weg van de gebruikelijke weergave en heb ik de sfeer en de kleuren gebruikt als uitgangspunt en daar is dit schilderij uit ontstaan.

 

Olieverf op doek.




Montagnes Ardéchois brumeuses

In de aa

 

In de Ardeche tref je, vooral na een regenbui, regelmatig mistige gebieden aan. Deze waterdamp zorgt voor een speciale sfeer en creëert bijzonder kleurschakeringen.

Olieverf op doek




Drobie – Ardèche

Drobie ArdecheDe Drobie is één van de kleinere rivieren die samengevoegd met andere rivieren uiteindelijk in de de rivier de Ardèche vloeit.

De Drobie stroomt door lommerrijk bosgebied en wanneer je door de bossen wandelt hoor je haar altijd, maar zien doe je haar soms wel en soms niet, is ze er wel of is ze er niet?

Net als in dit werk, is het de rivier die je ziet of is het de beleving die herkent?

Olieverf op doek.

In particulier bezit.




Sea, Sun, Cloud

Sea, sun, cloud Sea, Sun, Cloud geeft de Cloud duidelijk weer terwijl je door de aanwezigheid van de houten loopbrug/pier, de kleur van de ondergrond het gevoel hebt dat je in de verte de zee ziet.

De zon zie je alleen indirect, door de helderheid en de aanwezige schaduw.

Welke werkelijkheid is werkelijk?

Olieverf op doek.

In particulier bezit.




Ardèche Mountains

Ardèche mountains

De hoogvlakten van de Ardèche creëren een heel andere sfeer dan in de andere werken.

Hier is sprake van meer licht en meer ruimte voor de lucht.

Olie op doek.